De betekenis van de
parel

De inspiratie voor het verhaal van de Parel heeft Geertje gekregen na de workshop met het thema liefde. De onderliggende boodschap van de Parel geeft precies weer wat uiteindelijk het streven is van ons allemaal en dat we ook daarin mogen groeien. Een prachtige losse korrel die ook met recht een pareltje genoemd mag worden.

Losse korrels

De Parel

Geertje de Visscher

Ze lag te woelen in haar bed, de dekens waren van haar afgegleden en ze had het nog steeds warm. Dit was al de zoveelste nacht dat ze de slaap niet kon vatten.  Ze wist wel hoe het kwam. Ze had nachten achtereen dezelfde terugkerende droom gehad, een droom die haar angst bezorgde. Een aantal dagen geleden was het besef gekomen dat ze iedere nacht over hetzelfde droomde. Als ze wakker werd moest ze even bijkomen en alles laten bezinken, het was zo echt geweest wat ze meegemaakt had.  Ze kreeg het er benauwd van en daarom bad ze iedere avond als ze in bed stapte, of ze alstublieft niet weer zou gaan dromen. Maar dat gebeurde wel, nachten achter elkaar. Langzaamaan werd de angst om te gaan dromen zo groot, dat ze zichzelf wakker hield. In de loop van de dag voelde ze zichzelf meer vermoeid raken en ze wist dat ze dit niet veel langer vol zou kunnen houden. Ze moest slapen. Ze probeerde zich op haar ademhaling te concentreren zoals ze bij de yoga geleerd had. Eindelijk werd ze rustiger en de slaap overmande haar. Wat komen zou, zou komen. Binnen enkele minuten bevond ze zich weer in haar droom.

Het was nog donker, maar ze kon een glimpje licht opvangen door een kier. Net als anders werd de kier een beetje groter en kwam er meer licht naar binnen. Ze keek om zich heen en zag waterplanten en koraal, visjes in allerlei kleuren en nog meer schelpen. Dezelfde schelpen als die waarin zij zich bevond. Iedere nacht begon haar droom zo, ze zat opgesloten in een ruimte, de schelp opende zich een beetje, ze kon naar buiten kijken en duwde zachtjes tegen de bovenste helft.  Ze wilde eruit, ze wilde uit haar schelp kruipen, maar tegelijkertijd beangstigde dit haar ook.  Een paar keer was de deksel weer dicht gevallen en alles leek zo vreemd. Enerzijds zag alles wat ze zag er mooi uit en riep om ontdekt te worden.  Anderzijds boezemde het haar grote angst in, andere wezens in een vreemde wereld, die haar onbekend voorkwam. Kon ze zich wel vertonen aan de buitenwereld? Mocht ze zich wel laten zien? Ze wist het nog steeds niet, ze durfde niet, er was een strijd in haar binnenste. De schelp opende zich nog een beetje verder. Ohhh, wat een prachtige parels zag ze buiten de schelp voorbijkomen. Glanzende schitterende parels, lichtroze van kleur, parelmoerachtig, zacht wit en bijna doorschijnend. Zag zij er ook zo uit? Welke kleur had ze eigenlijk zelf? Ze had zich nog nooit zo goed bekeken, ze keek altijd naar de anderen. Nu werd het tijd dat ze eens naar zichzelf keek vond ze. Als die andere parels zo mooi waren, zou zij dat toch zeker ook kunnen zijn. Ze boog haar hoofd en zag een lichtgele kleur om haar heen, de gloed die ze uitstraalde.  Ze was lichtgeel, een zachte kleur, teer en doorschijnend.  Wat was ze mooi. Ze bedacht zich dat ze al zo vaak naar de andere parels had gekeken, hoe die voorbij gleden en met elkaar in gesprek waren. Ze wilde erbij horen, ze wilde ook haar stem laten horen. Ze wilde haar eigen glans laten zien. Met een beetje meer kracht nu duwde ze tegen de schelp en ineens leek het of die losschoot. De deksel stond wijd open en de buitenwereld leek haar uit te nodigen om uit haar schelp te kruipen.

Voorzichtig waagde ze een blik om haar heen.  Ze zag nog meer groen van de planten, kleuren van de bloemen, ze zag vissen in allerlei soorten en maten en het meest van al zag ze uitnodigend blauw.  Blauw in alle tinten, van zacht lichtblauw tot een diepe kleur die bijna paars leek.  Kom, leek het te roepen, kom naar buiten, het is je tijd. Na lange tijd wachten en leren was het nu tijd voor haar om zichzelf aan de buitenwereld te tonen. Ze mocht haar glans laten zien, ze mocht kleur bekennen. Haar schelp had haar alles gegeven wat ze nodig had gehad om te groeien en te leren, nu had ze die niet meer nodig, ze was klaar. Met een sprong belandde ze in het zachte blauwe water dat haar zachtjes opving. Andere parels verschenen om haar heen en begroetten haar. Kom, kom met ons mee, wat ben je mooi. Laat je zien, laat je horen, laat ons weten wie je bent. We hebben op je gewacht. En de mooie lichtgele parel bewoog zich tussen de anderen en voelde zich steeds vrijer worden. Ze straalde en gloeide. Met nog meer zekerheid bewoog ze door het water en liet haar mooie kleur zien aan iedereen die het maar wilde zien. Haar hart lichtte op en ze begon te lachen. Ja, hier ben ik. Zien jullie mij? Ze danste door het water en groette iedereen, ze vroeg wie ze waren, wat ze deden en wat ze wilden. Ik wil leven, zei ze, in liefde en vrijheid. Samen met jullie, met alle parels en vissen en koraal en bloemen. Met iedereen die zich in het water bevindt, en op aarde, in de lucht en overal. Leven in liefde, in verbinding met alles.

Er kwam licht door de gordijnen, steeds meer en ze keek verwonderd om zich heen.  Waar was ze?  Niet in het water, zoals ze gedroomd had. Wat had ze fijn gedroomd.  Over een parel die uit haar schelp gekomen was en schitterde en straalde. Een parel die wilde leven en wist wat ze wilde en wie ze was. Maar…bedacht ze…dat ben ik. Ik ben die parel, daarom heb ik er zo vaak over gedroomd.  Eerst snapte ik het niet, maar nu wel. Ik ben uit mijn schulp gekropen en ik mag er zijn. Ik mag schitteren en stralen en leven in vrijheid en verbinding met iedereen om me heen. Een mooie gele parel was uit haar schelp gekomen en gaf zich over aan het leven. In liefde.

Lees meer over de betekenis

Lees meer verhalen